Photo credit: squallidon via Visual Hunt / CC BY-NC-SA

Phoenicopterus Linnaeus 1758

De oude Grieken kenden een vogel die ze phoinikopteros noemden, ‘met purperrode vleugels’ of veren. Grieks phoinix was de purperverf, Grieks pteron: vleugel, ook wel veer. Houttuyn 1763 vertaalde met roodvlerk, Buffon 1796-1799 met vuurvleugel.

De oudste vermelding is bij de Griekse schrijver Aristophanes, in ‘De Vogels’: de phoinikopteros, een purperrode watervogel. De purperkoet? Aristophanes schreef dat de vogel phoinikious was, purperrood, niet dat hij (alleen maar) purperrode vleugels had. Maar de naam suggereert dat wel, en dan past de flamingo, bovendien is de purperkoet vooral donkerblauw, zie bij het genus porphyrio.

De interpretatie ‘flamingo’ wordt de gebruikelijke en is volgens Arnott 2007 ook de juiste, onder andere doordat phoinikoptero ook nu een Griekse naam voor de flamingo is. De flamingo hééft een ‘vuurvleugel’, vuurrode voorvleugels. Vooral in de vlucht vallen ze op, bij zonlicht nog meer. Mogelijk trouwens was hij daardoor inspiratiebron voor de fabelvogel phoinix, symbool van wederopstanding, uit reinigend vuur.

De flamingo broedt in het westen van Turkije en er overwinteren er in Griekenland: daarvan kende men hem misschien, anders wel van broeden in de delta van de Nijl. Handrinos 1997 meldt ook broedpogingen in Thracië en mogelijk was het dan in het oude Griekenland een broedvogel (bij de Romeinen misschien ook, in ieder geval hielden ze de tong voor een delicatesse en Belon 1555 schrijft dat men ze in Italië soms ziet) (sinds kort broeden er ten noordwesten van Rome). In Egypte en bij de Romeinen waren er afbeeldingen van (Arnott 2007), in de ornithologie heeft Frederik II ±1246 de oudste kleurtekening.