Photo credit: Macreando via Visualhunt.com / CC BY-NC-ND

Calonectris diomedea (Scopoli 1769: Procellaria diomedea). Eng. scopoli’s shearwater. Ned. scopoli’s pijlstormvogel.

De Grieken hadden een diomedeios ornis, een vogel van Diomedes (meestal in het meervoud, diomedeioi ornithes). De Latijnse versie was diomedea avis. Ze waren onderdeel van een mythe rond Diomedes, een van de Griekse helden bij de strijd om Troje. Ná die strijd woont Diomedes in Apulië, Zuidoost-Italië, en sterft daar. Bij zijn metgezellen is er groot verdriet en uit medelijden met hen veranderen de goden hen in vogels. Op (of ze vlogen náár) ‘het eiland van Diomedes’, in de Adriatische Zee. Er zijn diverse variaties van dit verhaal: velen in de Oudheid schreven erover.

Waren het fabelvogels? Maar Jelena Marohnić schrijft, in “Diomedove ptice”, een artikel in ‘Journal of Dalmatian archaeology and history’ van 2010: verandering van mensen in vogels werd als een aítion opgevat, Grieks voor oorzaak, en bij mythen ging het dan om een ontstaansverhaal, hier over de vraag waarom op dit eiland deze bepaalde vogels leven. Ook in andere mythen werden treurende mensen in vogels veranderd, waarna ze een eiland bevolkten. Het zou dan om echte vogels gaan. Marohnić schrijft trouwens ook dat huidig onderzoek erop wijst dat niet een van de (Italiaanse) Isole Tremiti dat eiland was, maar eentje meer in het mídden van de Adriatische Zee.

In de Oudheid is aan een reiger gedacht. En aan een koetachtige. Belon 1555: misschien was het een pelikaan. En zo zijn vele soorten voorgesteld, ook nog de jan-van-gent, de bergeend, een zaagbek, een meeuw, een stern, en nog meer. Aldrovandi 1603 schrijft, bij avis diomedea: het was de artenna, wat bij hem vrij zeker scopoli’s pijlstormvogel was (niet puffinus yelkouan, die in die regio ook voorkomt). Aldrovandi was dan de eerste die scopoli’s had, hoewel de beschrijving, maar zonder de essentiële kenmerken, al bij Gesner 1555 staat, ‘van een vriend die het zich niet allemaal exáct herinnerde’. Arnott 2007 komt op dezelfde soort, op grond van wat bij de schrijvers in de Oudheid staat, onder andere: grote vogels, grotendeels wit (de onderkant), nestelend in holen, een jammerend geluid (Vergilius had: “scopulos lacrimosis vocibus implent”, ‘zij vullen de rotsen met hun klagende stemmen’) (de gelijkenis van scopulus 'rots' en scopoli's is toeval). Marohnić komt op grond van nog méér gegevens ook tot deze soort.

Mogelijk ging het zo: Griekse zeelui die er rondvoeren hoorden die opmerkelijke en menselijk aandoende geluiden en dachten dat het mensen waren gewéést, wat tot een mythe uitgroeide, een die voor de klaaglijke geluiden een ‘Griekse’ verklaring gaf. Buffon 1770-1783 schreef al in deze zin.

Tegenwoordig is diomedea ook een genus van albatrossen, door Linnaeus 1758. Hij baseerde zich onder andere op de albatros-tekening in Edwards 1747: deze lijkt op de scopoli's-tekening in Aldrovandi 1603 en daardoor dacht Linnaeus misschien dat de albatros de vogel van Diomedes was.

-

Enkele andere namen voor scopoli’s pijlstormvogel (de codes zie op Home):

(G) Corsicaans guaia, Mallorcaans guay-guay, volgens Desfayes 1998 klanknabootsingen, en dat past, bij hun geknepen auwe-auwe, alsof ze pijn hebben. Snow 1998 geeft het als kaa-ough, ‘soms koo-ough’, “but hard to render satisfactorily”. In het huidige Grieks zijn er de namen michos en machos, Desfayes verbindt ze met ‘miauwen’ en met de diverse namen voor de kat.

(V) Arabisch umm-gharnàya, een naam in Egypte, ook voor enkele andere pijlstormvogels. Desfayes geeft als betekenis van de naam: die zich verbergt - ‘omdat ze zich pas in de avond laten zien’ - overdag is de broedende van het stel in het broedhol, de niet-broedende op zee, keert pas in de avond naar de nestplaats terug (met voedsel) (neemt eventueel het broeden over). Overdag is het dus stil bij de kolonie, wat mensen vaak verbaasde (‘waar zijn ze?’), en ‘s avonds is er ineens een geweldig druk leven: een enorm geluid en onophoudelijk heen en weer vliegen (bij de naam had overigens nog kunnen meespelen dat ze alleen om te broeden aan land komen, ook de rest van het jaar ‘verbergen’ ze zich dus). Bij de noordse pijlstormvogel, puffinus puffinus, zit een vergelijkbare naam: Engels night bird.