Photo credit: BZD1 via Visualhunt / CC BY-NC-ND

Pelecanus crispus Bruch 1832. Eng. dalmatian pelican. Ned. kroeskoppelikaan.

Bruch 1832: veel ornithologen denken dat er in Europa één pelikaan is, de roze, maar in Dalmatië is er nóg een, met kuif, en alleen dat al is een reden deze als een aparte soort te zien. “Da diese andre Art noch von niemand beschrieben ist, habe ich sie unter dem Namen, Pelecanus crispus, krausköpfiger Pelekan, aufgestellt” (p.1109). Latijn crispus: kroes, gekruld. De kuif van de róze pelikaan valt naar achteren, die van de kroeskoppelikaan is opvallender, is kroezig, en steekt stekelig omhoog. De kop is er hoekig door.

Eeuwenlang had men het over ‘de pelikaan’. Misschien zag een enkeling verschillen, maar tot sóórten kwam het niet. Zelfs bij Linnaeus is er nog maar één: de roze (door Edwards 1747 heeft hij wel ‘een variëteit’, de huidige bruine pelikaan, bij Edwards “The Pelican of America”). Eerder, bij Belon 1555, Gesner 1555, Aldrovandi 1603, vind je onder pelicanus en onocrotalus vooral de kroeskop, wat Bruch waarschijnlijk niet zag (misschien zegt het ook iets over het voorkomen rond de 16e eeuw).

Springer 2009 stelt dat Gesner naast de kroeskop ook de roze had. Het meest concrete bewijs: een kleurtekening in de Wickiana, een verzameling nieuwsberichten uit de 16e eeuw (Senn 1975: “Die Wickiana”), maar de tekening is veel meer de kroeskop dan de roze.

In de ornithologie had Frederik II ±1246 de eerste kleurtekening van een pelikaan, maar de soort valt niet te bepalen.