Photo credit: Rainbirder via Visual hunt / CC BY-NC-SA

Ardea purpurea Linnaeus 1766. Eng. purple heron. Ned. purperreiger.

Aan kop en hals heeft ardea purpurea veel roodbruin, en de mantel is leisteenachtig grijsblauw. Er is weinig purperkleurigs (donkerrood, paarsrood). In beschrijvingen in huidige boeken komt ‘purper’ dan ook zelden voor. En op de waarschijnlijk oudste kleurtekeningen - 16e eeuw, gepubliceerd in Olson 2007; daarnaast een die Aldrovandi vóór 1600 liet maken – zit in de namen geen purpureus. Wel Latijn rufus: rossig, vooral voor de hals. Bij Gesner 1555, in mogelijk de eerste beschrijving, zit ook geen purper. Hij geeft ardea stellaris maior: grote roerdomp - ‘het lijkt een mix van blauwe reiger en roerdomp’. In de tekst vermeldt hij Italiaans ruffey: “forte a colore ruffo colli & ventris”, ‘wellicht vanwege de rossige kleur van hals en buik’ (p.212). Latijn rufus werd later ook wel als ruffus geschreven.

Linnaeus baseert zich op Brisson 1760, zijn ardea cristata purpurascens: purperachtige gekuifde reiger. In zijn beschrijving van het kleed komen vele kleuraanduidingen voor, purper slechts in: borst en buik “d’un marron-pourpré très-brillant”, een purperkleurig kastanjebruin (V-424). Purper slechts als een nadere bepaling van wat hij als kastanjebruin geeft. Wel promoveert hij het tot onderdeel van zijn driedelige naam, wat het purperachtige al groter maakt (dan het is). Linnaeus zet de volgende stappen: laat cristata weg (omdat hij binomiale namen wil, zie de Inleiding) en verandert purperachtig in purperkleurig. De hele vogel lijkt nu purperkleurig, terwijl het begon bij slechts een aspect van de kleur van alleen de onderkant.

-

Enkele andere namen voor de purperreiger (de codes zie op Home):

(U) Duits zimmtreiher, kaneelkleurige reiger, Duits zimt: kaneel, vroeger geschreven als zimmt.

(G) Italiaans ranocchiaja, kikkervreter, naam bij Savi 1829, Italiaans ranocchia: kikker.