Photo Credit: Michele Lamberti Flickr via Compfight cc

Saxicola rubetra (Linnaeus 1758: Motacilla rubetra). Eng. whinchat. Ned. paapje.

Bij Aristoteles was er een vogel batis, een insectenetende/wormenetende zangvogel. De soort is niet te bepalen, maar Gaza 1476 geeft als zijn Latijnse vertaling rubetra. Waarschijnlijk dacht hij aan Grieks batos: braamstruik, wat van batis een ‘brameling’ maakt, vogel van braamstruiken. Latijn rubetum: braambos. De toegevoegde R om verwarring te voorkomen met Latijn rubeta: vergiftigde pad? Of geïnspireerd door het Italiaans, waarin vogelnamen als anitra en galetra ontstonden? De naam heeft níet te maken met ‘roodachtig’, zoals nogal eens werd beweerd, uitgaand van Latijn ruber: rood.

Als batos klopt, is de grasmus een kandidaat, gezien wat Handrinos 1997 over Griekenland geeft. Paapje en roodborsttapuit passen minder goed: ze nestelen wel in open gebied, met liefst wat struiken als zangpost/uitkijkpost, wat soms een braamstruik is - maar hebben er geen speciale voorkeur voor. En het paapje bróedt in Griekenland slechts spaarzaam. Weinig kans dan dat batis er een naam voor was.

Bij het weinige dat er is, gaat men gissen. Longolius 1544: de kneu? Turner 1544: de stonchatter? Wat de tapuit zal zijn geweest, zie bij saxicola. Belon 1555: de traquet? Dat was de roodborsttapuit, “hantant tousiours sur les ronces”, ‘altijd bij de braamstruiken’ (p.360). ‘Altijd’ is overdreven, maar soms zitten ze er. Bij de traquet heeft Belon ook de tarier, waarschijnlijk het paapje. Hij is de eerste die beide heeft.

Vooral door Belon wordt rubetra voor iedereen de roodborsttapuit, die het bij de Grieken ietsje beter kan zijn geweest dan het paapje (maar geheel niet zeker dus). Linnaeus 1746, onverwacht: het paapje. Hij negeert de traditie, en ook Albin 1731, met een van de eerste kleurtekeningen van de roodborsttapuit en van Belon rubetra daarbij. Mogelijk maakte Linnaeus de ‘fout’ doordat hij in 1746 en in 1758 alleen het paapje kende (onder andere door een tekening van zijn leermeester Rudbeck). Bij de roodborsttapuit, saxicola rubicola, nog meer verwikkelingen.