Photo credit: BioDivLibrary via Visualhunt.com / CC BY

Monticola saxatilis (Linnaeus 1766: Turdus saxatilis). Eng. rock thrush. Ned. rode rotslijster.

Latijn saxatilis stond voor rotsachtig, maar ook voor: bij of tussen rotsen (levend). Latijn saxum: rots. Doordat monticola, zie aldaar, ongeveer hetzelfde betekent, is monticola saxatilis twee keer bergbewoner, rotsbewoner. Linnaeus’ turdus saxatilis was rotslijster. Wellicht de bron van Nederlands rotslijster.

In het broedseizoen zitten beide rotslijsters vooral in rotsachtige gebieden, hoewel de rode bijna altijd hoger dan de blauwe: meestal boven de 1000 meter, de blauwe meestal daaronder. De rode is daardoor met recht dé rotslijster - vergelijk de Engelse namen voor de twee, maar meer nog de Duitse: steinrötel voor de rode, blaumerle voor de blauwe, monticola solitarius.

Steinrötel gaat terug op steinrötele bij Gesner 1555, een naam in de zuidoostelijke Zwitserse Alpen, waarvan hij ook steintröstel had: steenlijster, rotslijster - tröstel: lijster, rötele: de roodborst, zie ook bij de roodborst zelf, erithacus rubecula - en steinrötele was dan steenroodborst, rotsroodborst, roodborst voor het mooie rood. Beide namen legt hij de lezer ook uit: “Steinrötele, id est rubeculam saxatilem [...] Steintröstel, id est turdum vel turdelam saxatilem” (p.701). Hier dus de oorsprong van turdus saxatilis.