Photo credit: Arsh_86 via Visual Hunt / CC BY-NC

Ficedula parva (Bechstein 1792: Muscicapa parva). Eng. red-breasted flycatcher. Ned. kleine vliegenvanger.

Latijn parvus betekende klein. Alle Europese vliegenvangers zijn klein, maar de kleine is de kleinste: 11-12 cm, is daarmee kleiner dan de roodborst, erithacus rubecula, waarop hij lijkt. Door die gelijkenis trouwens zet Bonaparte 1838 een aantal roodborst-vliegenvangers in het genus erythrosterna, wat letterlijk roodborst betekent, en in 1850 noemt hij de kleine vliegenvanger erythrosterna parva: kleine roodborst. Ook de Engelse naam is er een voor de oranjerode keel van het adulte mannetje.

Bechstein zág geen rood: hij beschreef een vrouwtje, of een mannetje eerste zomer, en bij beide is de keel wit. Als Duitse naam gaf hij kleiner fliegenfänger en daarvan maakte hij muscicapa parva.