Photo credit: Hiyashi Haka via Visual Hunt / CC BY-NC-SA

Emberiza aureola Pallas 1773. Eng. yellow-breasted bunting. Ned. wilgengors.

Emberiza aureola betekent goudgors. Latijn aurum: goud, aureolus: verguld, goudgeel. De wilgengors heeft een nogal gele onderkant, met roodbruine borstring. Pallas, die hem in Siberië ontdekt, noemt het gele citroenkleurig. Bij zijn keuze voor aureola liet hij zich mogelijk inspireren door Schwenckfeld 1603 die de geelgors aureola noemde, ook emberiza aureola. Bij Gesner 1555 staat aureola voor het eerst, als zijn vertaling van Italiaans uccello d’oro: goudvogel, waarschijnlijk de europese kanarie. Aureolus zit ook bij de wielewaal, zit ‘achter’ oriolus oriolus.

De wilgengors broedt inmiddels ook in delen van Finland, wat Nilsson 1858 al verwachtte: ‘in de tijd van Pallas was de Oeral de westelijke grens van zijn verspreidingsgebied, in 1848 vond Liljeborg de vogel al niet meer ver van Finland vandaan, misschien zit hij dan binnenkort ook in Lapland’. De Finnen noemen hem kultasirkku: goudgors, de geelgors keltasirkku: geelgors.