Photo credit: Paco Gómez via VisualHunt.com / CC BY-SA

Prunella collaris (Scopoli 1769: Sturnus collaris). Eng. alpine accentor. Ned. alpenheggemus.

Latijn collaris betekent: ‘met betrekking tot de hals’ (Latijn collum: hals). Het kon natuurlijk van alles zijn. Gotch 1981: het gaat om de “grey collar which shows against the background of brown” (p.253). Maar de alpenheggemus hééft geen opvallende collar, halsband. Collaris is wel gebruíkt bij vogels met een hele of een halve halsband: steenloper, beflijster, wilgengors, withalsvliegenvanger. De naamgevers interpreteerden collaris als: ‘van een halsband voorzien’. Een andere interpretatie was: ‘met iets opvallends aan de hals’.

Scopoli heeft het niet over een grijze halsband. Hij schrijft wel: “Gula alba fusco maculata”, ‘de keel wit en donker gevlekt’ (I-131). Dát was het opvallende, vooral in de herfst goed te zien, zeker van dichtbij. Om verwarring te voorkomen had hij sturnus gularis kunnen geven: ‘met betrekking tot de keel’. Er is voor deze vogel wel eens fringilla gularis gebruikt.

Gesner 1585 is de eerste die hem heeft (Springer 2009). Uit diezelfde 16e eeuw is ook de eerste kleurtekening, bij de Franse tekenaar Pierre Vase (gepubliceerd in Olson 2007). Buffon 1770-1783 denkt dat híj de eerste is. ‘Hoewel de vogel in de Alpen leeft, schreef nog niemand erover’. Hij begint zijn beschrijving met de keel, noemt ook al geen grijze halsband: “Il a la gorge (de keel) fond blanc, tacheté de deux teintes différentes de brun”, ongeveer wat Scopoli later schrijft. Buffon noemt hem fauvette des alpes. En terwijl eerdere schrijvers hem nog in sturnus of fringilla hebben, plaatst Buffon hem na de heggemus.