J. G. Keulemans. Photo credit: Internet Archive Book Images on VisualHunt

Jynx Linnaeus 1758

De draaihals was bij de oude Grieken bekend onder de naam iunx, wat bij de Romeinen jynx werd. De Grieken beeldden hem af en Aristoteles beschreef hem. Mogelijk víng men ze ook en kende men daardoor hun gedrag. De naam is minder duidelijk. Er is gedacht aan een nabootsing van hun opvallende roep (een steeds herhaald kie-kie), of van hun gesis (bij gevaar), maar bij beide pást iunx niet goed. Chantraine 1968: óf de naam hoort bij Grieks iuzo: schreeuwen, weeklagen (Grieks iu is een ‘natuurlijke jubelklank’). De naam dan voor de roep. ‘Maar hij kan ook een ándere oorsprong hebben, kreeg dan door iuzo zijn vórm’. Beekes 2010 borduurt hierop voort: ‘de naam is ongetwijfeld geleend uit een andere taal’ (geen uitleg). Klanknaam kan ook dan. Maar iets anders ook, bijvoorbeeld draaivogel.

Bij de draaihals hoort een van de meest intrigerende verhalen uit de ornithologie, een verhaal over tovenarij die ervoor moest zorgen dat je een minnaar kreeg of dat je minnaar je niet in de steek liet, en vooral, zo lijkt het, dat de minnaar die je in de steek liet, weer terugkeerde. Men zegt dat vooral vrouwen, in een ‘heksenmagie’, de vogel op een wiel bonden, dat wiel voor de ‘getroffene’ heen en weer draaiden (niet rónd), daarbij spreuken opzeiden, liederen zongen en de minnaar smeekten terug te keren. Misschien deed het gedrag van de draaihals de Grieken aan de hartstocht van de liefde denken en kwam hij zo in deze liefdesmagie terecht: bij opwinding zet hij de kopveren op, rekt de hals, spreidt de staart, en kronkelt met kop en hals - wat makkelijk gekoppeld kon worden aan de sexualiteit en zeker aan die van de man. Heen en weer draaien van het wiel zal gestaan hebben voor het draaien van de vogel, die zélf waarschijnlijk dood was: hij werd er met uitgespreide vleugels op vastgebonden (de minnaar moest zich ook weer binden). Het wiel werd overigens ook gedraaid zónder de vogel erop: je ving ze niet steeds, en minnaars liepen te vaak weg. Voor het draaien zie bij jynx torquilla.

Het wiel werd ook gebruikt om regen te maken, wáter te verkrijgen. Iunx ging tovermiddel betekenen, en liefdesverlangen, en ook het wiel heette iunx. Daarnaast was in de Griekse mythologie Jynx een nimf die met haar toverij oppergod Zeus bewerkte. Sommigen denken dat dáár het woord begon, niet bij de vogel. Onmogelijk is dat niet, en dan verandert het verhaal, maar meestal was een vogelnaam er het eerst en werd de persoon die in de mythe figureerde in die vogel veránderd. Jynx werd veranderd in een draaihals.